Verlichting in de tuin, op het balkon en aan de gevel
Goede buitenverlichting begint met de vraag waar je licht wilt en waarvoor. Een pad of oprit vraagt ander licht dan een terras, balkon of een boom die je wilt uitlichten. We denken mee over de plekken, de sterkte van het licht en hoe je het bedient.
- Gevelverlichting bij de voordeur, achterdeur of berging, eventueel met bewegingsmelder.
- Verlichting op het balkon of dakterras, met een stopcontact erbij.
- Padverlichting en grondspots in de tuin of langs de oprit.
- Een schemerschakelaar of tijdklok, zodat het licht vanzelf aan en uit gaat.
- Slimme verlichting die je met een app bedient.
We werken met LED: zuinig, lang meegaand en in verschillende kleuren wit. Warm wit voelt buiten meestal prettiger dan koud wit.

Balkon en dakterras in de stad
In Amsterdam is je buitenruimte vaak een balkon, dakterras of kleine stadstuin. De kabel komt dan van binnenuit, door de gevel of het kozijn. Op een dakterras komt er vaak ook een stopcontact bij, voor een barbecue of terrasverwarming.
Woon je in een appartementengebouw, dan is de gevel meestal van de VvE. Voor lampen of stopcontacten op de gevel heb je dan soms toestemming nodig. En in een beschermd stadsgezicht of bij een monument kunnen er regels zijn voor wat er aan de voorgevel mag; check dat vooraf bij de gemeente.
In Noord, Nieuw-West en in Amstelveen, Purmerend en Landsmeer hebben meer woningen een echte tuin. Daar leggen we vaker een grondkabel naar de achterkant van de tuin of naar een schuur.
Stroom naar schuur of tuinhuis
Wil je licht en stopcontacten in je schuur, tuinhuis of overkapping, dan leggen we een kabel vanaf je groepenkast. Meestal loopt die in een sleuf onder de grond, met een kabel die daarvoor geschikt is, diep genoeg en beschermd tegen een schep.
In de schuur komen een paar stopcontacten en lichtpunten. Voor zwaardere apparaten maken we een eigen groep met een zwaardere kabel. Alles buiten zit achter een aardlekschakelaar.
Veilig en waterdicht
Buiten krijgt de installatie regen, vorst en vocht te verduren, en daarom gelden er strengere eisen dan binnen. De IP-waarde van een lamp of stopcontact zegt hoe goed die beschermd is tegen water en stof. Buiten kiezen we minimaal spatwaterdicht, en voor grondspots materiaal dat tegen water van alle kanten kan.
Veel aardlekstoringen beginnen buiten: water in een lamp, een slecht afgedichte verbinding of een kabel die bij het tuinieren is geraakt. We werken verbindingen waterdicht af en leggen kabels beschermd. Zit de buitenverlichting op een eigen groep, dan valt bij een storing niet meteen je hele woning uit.
Er is ook tuinverlichting op 12 volt met een transformator. Die is veilig en makkelijk zelf uit te breiden, maar geeft minder licht. Voor sfeerverlichting is 12 volt prima; voor gevel- en padverlichting kiezen we meestal 230 volt.